AI in mijn facilitatiepraktijk: waar het helpt, en waar het ophoudt
De vraag komt de laatste tijd op elke facilitatietafel terug: gebruik jij AI in je werk? Bij veel collega's zit er een zekere schroom in die vraag, alsof je toegeeven dat je AI gebruikt hetzelfde is als toegeven dat je het ambacht uitbesteedt. Ik zie het anders. Ik gebruik het volop, voor het ontwerpwerk. En ik gebruik het bewust níet voor het enige dat er echt toe doet: het gesprek zelf.
Laat me dat onderscheid uitleggen, want het is de kern van mijn hele positie.
Waar AI mij echt helpt
Het meeste werk aan een sterke sessie gebeurt vóór de sessie, en veel van dat werk is denkwerk waarin een goede sparringpartner het verschil maakt. Ik gebruik AI om varianten van een invitatie te genereren en tegen elkaar af te wegen: tien manieren om dezelfde vraag te stellen, zodat ik de scherpste kan kiezen in plaats van te blijven hangen bij de eerste die me invalt. Ik gebruik het om een string door te denken: klopt deze volgorde, waar zit de sprong, welke structuur mist er tussen divergentie en keuze? Het helpt me ook bij een eerste inschatting van de timing: hoeveel tijd kost deze opbouw, past dit realistisch in een halve dag? Al leert de praktijk me telkens weer dat je op die inschatting meer buffer moet inbouwen dan een model voorspelt, een echte groep rekt, aarzelt en dwaalt op manieren die geen tijdschema kent. Het is een uitstekende tegenspreker bij het ontwerpen, precies omdat het niet moe wordt van "en wat als we het anders opbouwen?".
Dat is geen vervanging van mijn vakmanschap. Het is een versneller ervan. Waar ik vroeger alleen tegen een leeg blad zat, heb ik nu een partner die me dwingt mijn keuzes te verantwoorden. De beslissing blijft de mijne. Maar de kwaliteit van de opties waaruit ik kies, is hoger.
Waar het ophoudt
En dan kom je bij de grens, en die is voor mij scherp. De werkzame stof van Liberating Structures zit niet in het ontwerp op papier. Ze zit in wat er tussen mensen in de zaal gebeurt: de stilte na een invitatie, het moment waarop iemand iets zegt wat hij nog nooit hardop had gezegd, de manier waarop een groep gaandeweg van elkaar leert. Dat is geen informatie die je genereert. Dat is een menselijk proces dat je uitlokt en vasthoudt.
AI kent je groep niet. Het voelt de zaal niet aan. Het weet niet dat de vrouw achteraan al twee keer aanzette om iets te zeggen en het weer inslikte. Het hoort de aarzeling in een antwoord niet, en het weet niet wanneer een stilte productief is en wanneer ze ongemakkelijk wordt. Precies die dingen zijn waar faciliteren over gaat. Een AI kan me een betere invitatie helpen schrijven; het kan de stilte die op die invitatie volgt niet voor me dragen.
En de deelnemers zelf?
De volgende vraag die eraan komt: moeten deelnemers AI gebruiken tíjdens een sessie? Daar ben ik voorlopig terughoudend. Het hart van de meeste structuren, zoals de eerste stap van 1-2-4-All, is dat mensen éérst zelf denken, in stilte, voor ze delen. Als je dat denkwerk uitbesteedt aan een model, haal je de werkzame stof eruit. Wat een groep bovenhaalt, moet uit de groep komen, want dat is nou net het punt: het antwoord zit al in de zaal.
Tegelijk wil ik hier eerlijk zijn: ik weet het nog niet zeker. Ik heb dit te weinig systematisch uitgeprobeerd om er stellig over te zijn, en ik kan me contexten voorstellen waarin AI als denkgereedschap ín een sessie wél iets toevoegt, bij het voorbereiden van materiaal, bij het snel ordenen van wat een grote groep heeft geproduceerd. Dat vraagt meer experiment voor ik er een oordeel over vel. Voorlopig houd ik de conversatie zelf mensenwerk. Dat onderscheid maken, wat een model kan overnemen en wat niet, vergt dezelfde soort diagnose als het onderscheid tussen een complex en een gecompliceerd vraagstuk, waar ik elders dieper op inga.
AI is een hulpmiddel voor het werk róndom het gesprek. Het gesprek zelf blijft van de mensen in de zaal. Zolang ik dat onderscheid scherp houd, versterkt de technologie mijn vak in plaats van het te verdunnen. De dag dat ik de invitatie belangrijker begin te vinden dan wat erna in de zaal gebeurt, heb ik het onderscheid verloren.
Gebruik jij AI in je voorbereiding? En waar leg jij de grens tussen wat je uitbesteedt en wat mensenwerk blijft?